Europese landen (M-M)



Across
2. de grootste stad is Madrid
5. hun munt eenheid is Noorse kroon
9. de hoofdstad is Luxemburg
12. Ze spreken er deens
14. ze eten er veel pasta en pizza
15. de hoofdstad is Kiev
   
Down
1. het land ligt vol met ijs
3. ze spreken er hollands
4. de munteenheid is de Zwitserse frank
6. de hoofdstad is Berlijn
7. de hoofdstad is Warschau
8. in dat land ben je geboren
10. je gaat er op skivakantie
11. in dit land staat de Eifeltoren
13. het land word ook wel het Koningkrijk Zweden