13.1 en 13.2

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 2. Spier-peesplaat tussen borstholte en buikholte
  2. 4. Bij een hoge pCO2 ga je ………… ademhalen
  3. 6. De ademhaling wordt geregeld vanuit het ademcentrum in de ..................
  4. 8. De ............. capaciteit is de hoeveelheid lucht die maximaal per ademhaling kan worden ververst
  5. 11. Als iemand een …… heeft dan is er lucht gekomen in de ruimte tussen borstvlies en longvlies
  6. 13. Ziekte aan het ademhalingsstelsel
  7. 14. Alle longblaasjes bij elkaar hebben een heel groot ...............
  8. 18. Je totale longcapaciteit is je vitale capaciteit + je ……….
  9. 19. Het verversen van de lucht in je longen
  10. 20. Diffusie gaat sneller door een groot diffusie ………..
Down
  1. 1. In dit onderdeel van de longen vindt de gaswisseling plaats
  2. 3. Deel van de luchtwegen waarin geen gaswisseling plaatsvindt
  3. 5. Voorkomt dat voedsel van de keelholte in de neus komt
  4. 7. Deze transporteren slijm met daarin vastgeplakte deeltjes naar de keelholte
  5. 9. Aandoening waarbij veel longblaasjes kapot zijn, meestal is roken de oorzaak.
  6. 10. De wand van neusholte is bekleed met ……..
  7. 12. De uitwisseling van O2 en CO2 tussen bloed en lucht in de longblaasjes
  8. 15. De luchtpijp is omgeven door ringen van .........
  9. 16. Tussen het longvlies en het …….. zit een dunne laag weefselvloeistof
  10. 17. Bij een uitademing wordt de borstholte ……….