4B1-W1-L1
Across
- 6. het vrienden zijn met elkaar.
- 7. hallo zeggen als je iemand tegenkomt.
- 10. een ander woord voor wel waar.
- 11. een vriend.
- 12. als je met iemand anders praat.
Down
- 1. ergens snel weggaan, omdat je bijvoorbeeld bang bent.
- 2. een groot ongeluk.
- 3. je allerbeste vriend.
- 4. een woord waarmee je iemand gedag zegt.
- 5. een ander woord voor niet waar.
- 8. iemand die een ander helpt bij gevaar.
- 9. iemand die heel onhandig is.