6VZA EXAMEN

123456789101112131415161718192021222324252627282930
Across
  1. 2. Daling van de bloeddruk
  2. 3. Longvlies
  3. 4. ziet eruit als een geneesmiddel, maar bevat geen werkzame stof.
  4. 5. onvoldoende spanning van de huid
  5. 6. een scheikundige stof
  6. 7. blinde darm
  7. 10. ongewild urineverlies
  8. 11. Body Mass Index
  9. 12. stoelgang maken
  10. 13. wegnemen van de prostaat
  11. 17. een techniek om het bloed te zuiveren door de afvalstoffen en het teveel aan water te verwijderen.
  12. 18. via de huid vb zalf, pleisters
  13. 19. hemorroïden
  14. 20. diabetes die tijdens de zwangerschap ontstaat, deze vorm verdwijnt meestal na de zwangerschap.
  15. 24. een irritatie van het blaasslijmvlies door een vreemd voorwerp of een infectie. In veel gevallen is de verwekker een bacterie die normaal in ons darmkanaal voorkomt namelijk de colibacil.
  16. 27. een ophoping van stoelgang in de dikke darm met harde, droge en moeilijke stoelgang tot gevolg.
  17. 29. stoma op de dunne darm
  18. 30. kleine of grotere korrels gevormd uit kalk en andere stoffen in de nier
Down
  1. 1. pancreas
  2. 2. een te hoge bloedglucosespiegel die gepaard gaat met klachten. Het lichaam bevat op dat moment niet genoeg insuline, of de insuline werkt onvoldoende.
  3. 3. meer dan voorkómen van ziekten. Preventie omvat ook vroegdetectie (tijdig opsporen) en in veel gevallen ook vroeginterventie (vroeg behandelen) om erger te voorkomen (preventie bij een bepaalde ziekte)
  4. 8. Wat de patiënt van zijn gezondheid en welzijn vindt
  5. 9. kleine barstjes in je huid, die ontstaan wanneer je huid extreem droog is.
  6. 11. Terugbetalingscategorie van geneesmiddelen die therapeutisch zijn, bijvoorbeeld meer antibiotica.
  7. 12. een toestand van uitdroging als gevolg van een te groot waterverlies dat onvoldoende gecompenseerd wordt
  8. 13. injectie
  9. 14. doelgericht waarnemen van gedrag
  10. 15. Wanneer je het geneesmiddel niet mag gebruiken.
  11. 16. stoma op de dikke darm
  12. 21. Bijkomende, ongewenste gevolgen van het nemen van het geneesmiddel
  13. 22. een gelatine kokertje waarin zich een geneesmiddel bevindt
  14. 23. proces in ons lichaam waarbij het lichaam afvalstoffen en overtollige stoffen uit het bloed of uit lichaamsvocht kwijtraakt.
  15. 25. zwaarlijvigheid
  16. 26. Werking van het geneesmiddel in je lichaam samen met andere geneesmiddelen, voedingsstoffen,…
  17. 28. een arts gespecialiseerd in voeten