Begrippen paragraaf 5.1 &5.2

12345678910111213
Across
  1. 3. De ‘universele mens’ uit de Renaissance, die op alle gebieden van wetenschap en kunst thuis is. Alleen tweede woord.
  2. 5. De zon is het middelpunt en de aarde draait eromheen
  3. 6. De christelijke kerk zoals die na het schisma in de Middeleeuwen los van de Grieks-orthodoxe kerk ontstaat, met een paus aan het hoofd.
  4. 8. Letterlijk ‘wedergeboorte’. Tijd waarin mens de Griekse en Romeinse cultuur herontdekte: de mens staat centraal.
  5. 9. Kerkhervorming die leidt tot scheuring in de rooms-katholieke kerk, waarbij het protestantisme ontstaat.
  6. 10. oorspronkelijk een hervormingsbeweging, later een aparte christelijke stroming, die zich richtte tegen missstanden in de katholieke kerk.
  7. 13. Door experimenten en metingen tot wetenschappelijke kennis komen
Down
  1. 1. Geleerden die de mens centraal stelden en de Griekse en Romeinse cultuur bestudeerden
  2. 2. Europa en de Europese cultuur zijn toonaangevend voor de rest van de wereld
  3. 4. Gemaakt door Europeanen om nieuwe continenten en gebieden te ontdekken
  4. 7. Samenhangend ideeënstelsel over het leven op aarde en het heelal
  5. 11. De paus trekt deze lijn ten westen van de Kaapverdische eilanden en zo verder rond de aarde, verdeelde de wereld in een Spaans (west) en Portugees deel (oost)
  6. 12. Van wie het land is, is ook de godsdienst. De vorst bepaald welke godsdienst zijn onderdanen aanhangen. Vastgesteld voor het Duitse Rijk bij de Godsdienstvrede van Augsburg. Alleen het eerste woord.