Begrippen

123456789101112
Across
  1. 3. Wanneer onze hersenen iets lijken te zien wat er niet is.
  2. 7. Zorgt ervoor dat we enkel op de belangrijkste prikkels reageren.
  3. 9. Geeft kleur aan je ogen.
  4. 10. Oogziekte die ontstaat door een te grote druk van de vloeistoffen in het oog.
  5. 11. Beschermt de oogbol tegen schokken.
  6. 12. Informatiecentrum van ons lichaam. Hier komen impulsen toe.
Down
  1. 1. Het scherpstellen van het oog op verschillende voorwerpsafstanden.
  2. 2. Zien met twee ogen.
  3. 4. Toonsterkte.
  4. 5. Het vermogen om welbepaalde prikkels te registreren.
  5. 6. Fotoreceptoren die alleen maar beelden in grijswaarden waarnemen.
  6. 7. De automatische regeling van de lichtinval in ons oog door de iris.
  7. 8. Een ander woord voor zintuigcellen.