blok 5 groep 5 en 6

123456789101112131415161718192021222324
Across
  1. 3. niet koud en niet warm: dan is het ...
  2. 4. eten dat niet gekookt is en dat je ... kunt eten
  3. 6. deze voert een chirurg uit: snijdt in je lijf
  4. 7. iets wat je elk jaar opnieuw weer doet, een gewoonte
  5. 10. de ... vangt boeven en inbrekers
  6. 11. zitten boven je ogen: haren die zweet tegen houden
  7. 12. de Donald Duck is een.....
  8. 15. een grote kale hete zandvlakte
  9. 18. de meesten willen dit: een....wil dit
  10. 19. het tegenovergestelde van een meester
  11. 21. verkleinwoord, zit op je neus, van glas,kun je beter zien
  12. 22. dat heb je als je niet snel ziek wordt:dan heb je een goede..
  13. 24. een kleine ketting, verkleinwoord
Down
  1. 1. van 10.30u tot 10.45 is het....
  2. 2. verkleinwoord: een kleine kar
  3. 5. een ouderwets woord voor een bos
  4. 6. als ergens iets heel veel van is, er is te veel van
  5. 8. tegenovergestelde van afwezigheid
  6. 9. heel sjiek en duur
  7. 13. als je iets nog niet zeker weet: je bent nog aan het dubben
  8. 14. een kleine haring, verkleinwoordje
  9. 16. droevig
  10. 17. iets moet echt-persé, iets is pure....
  11. 20. je kauwt er op en blaast er bellen mee
  12. 23. duurt héél lang,lees je in sprookjes: voor altijd en ...