Criminaliteit

1234567891011121314151617181920212223242526272829
Across
  1. 2. bewijs dat je op het moment van een misdrijf ergens anders was
  2. 3. van behoed voor; niet belast of geconfronteerd met
  3. 6. bangmakerij, meestal door dreigementen
  4. 12. met van tevoren al een bepaald oordeel over iets of iemand
  5. 16. gruwelijke moord door een opgewonden volksmenigte
  6. 17. moord, vaak op een politieke of criminele concurrent; vereffening
  7. 19. gezagsdragers
  8. 20. van oorsprong Italiaanse misdaadorganisatie
  9. 24. verdediging met noodzakelijk geweld omdat je in gevaar bent
  10. 25. misdadigerskringen
  11. 27. doorzoeken; (iemand) betasten om hem te controleren op verboden spullen
  12. 28. zonder actie te ondernemen; gelaten; berustend
Down
  1. 1. rechtsgeleerden, zoals advocaten, rechters en officieren van justitie
  2. 2. financieel verantwoordelijk, meestal voor schade
  3. 4. handeling(en) waarbij je voor eigen rechter speelt, meestal met gebruikmaking van geweld
  4. 5. instelling
  5. 7. beroep gaan herziening van een vonnis vragen bij een hogere rechtbank
  6. 8. mensen die een strafbaar feit plegen
  7. 9. kwijtschelding van straf
  8. 10. afgetuigd; met (veel) geweld lastiggevallen of overlast aangedaan
  9. 11. delicti voorwerp waarmee het misdrijf is gepleegd
  10. 13. van justitie rechterlijke functionaris die verdachten aanklaagt voor de rechtbank
  11. 14. borgtocht vrijlaten in ruil voor een geldbedrag op vrije voeten stellen
  12. 15. betoog waarin je argumenten voor of tegen iets geeft
  13. 18. de rechterlijke macht
  14. 21. persoonlijke gegevens, zoals naam, adres etc
  15. 22. moord of ernstige mishandeling om de geschonden eer van de familie te wreken
  16. 23. iemand die jou bedreigt; iemand die jou wil overvallen of verwonden
  17. 26. verstek bij afwezigheid
  18. 29. strafbaar feit, zoals diefstal, beroving