EH 3 les 13 en 14

12345678910111213
Across
  1. 4. vanaf het begin
  2. 6. heel vlot, zonder fouten
  3. 10. dun papier waarin je tabak voor sigaretten rolt
  4. 12. dingen die je meegemaakt hebt
  5. 13. plakplaatje waarop je kunt schrijven
Down
  1. 1. taal die je het eerst geleerd hebt
  2. 2. alle woorden die je kent
  3. 3. die in dat land thuishoren
  4. 5. mensen uit hetzelfde land
  5. 7. de manier waarop je iets uitspreekt
  6. 8. komen uit Chili
  7. 9. het begrijpen
  8. 11. ergens op een plek aankomen