engelsewoorden lesson 26 en 27
Across
- 1. opa
- 4. tiener
- 6. schorsen
- 8. eigendom
- 10. directrice
- 11. riem
- 12. uitdelen
- 14. resultaat
- 15. klap
- 17. miljoenen
- 18. geestig
Down
- 2. overtreding
- 3. rietje
- 5. onderwijs
- 7. onzin
- 8. verleden
- 9. reglement
- 11. partij
- 13. leerling
- 16. beleefd