Ethiek - soorten

123456789101112
Across
  1. 4. ___gelijkheid: gedeeltelijk aangeboren verschillen en gedeeltelijk doordat er in de samenleving anders wordt omgegaan met mensen
  2. 5. Uitgangspunt dat mensen van nature gelijk zijn. Persoonlijke verschillen zijn niet zo groot dat ze een ongelijke behandeling rechtvaardigen. Allemaal mensen.
  3. 6. Waarden die voor iedereen gelden - 1948: Universele Rechten van de Mens. fundamentele morele principes zijn universeel geldig en toepasbaar voor vergelijkbare mensen in vergelijkbare situaties, ongeacht plaats en tijd.
  4. 9. Ethiek waar er omschreven wordt zonder mening te geven
  5. 11. moreel juist of onjuist bepaald door de cultuur​. Waarden ene cultuur niet beter dan waarden van de andere cultuur.
  6. 12. Ethiek die zegt wat(niet) te doen. OOk normatieve ethiek genoemd.
Down
  1. 1. Vrijheid van een individu in de samenleving.​In hoeverre andere mensen en sociale omstandigheden de persoon in staat stellen om te doen wat hij graag wil doen.​Anderen bepalen wat iemand kan of niet kan doen.
  2. 2. niet enkel gevormd door invloeden (bv. erfelijkheid, opvoeding en omgeving)​. Men bepaalt ook zijn eigen wil. ​
  3. 3. Ethiek waar de eigen mening van belang is
  4. 7. Iedereen hetzelfde behandelen
  5. 8. Basis rechtsstaat, conflicten niet uitvechten maar voor onpartijdige rechter met procedures die voor iedereen gelden. ​In rechtsstaat is discriminatie verboden.​
  6. 10. Iedereen op de gelijke hoogte laten komen, ookal betekend dit anders behandelen.​