Examen SW

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 1. een overeenkomst waarbij beide partners iets toegeven
  2. 6. zich inzetten voor iets
  3. 8. geheel van kennis, inzicht, vaardigheden en attitudes dat mensen in staat stelt om in een bepaalde context, situatie op de juiste manier te handelen
  4. 9. verband: oorzakelijk verband, verband tussen oorzaak en gevolg, oorzaak-gevolg relatie. Wanneer de oorzaak van een fenomeen bekend is, weet men dat dit fenomeen zich opnieuw zal voordoen als de oorzaak nog eens optreedt.
  5. 11. Meest uitgesproken karakteristieke vertegenwoordiger van iets
  6. 12. de bedoeling hebben om iets te gaan doen
  7. 13. psychologen die enkel het uiterlijk gedrag van de mens bestudeerden omdat zij er vanuit gingen dat enkel het uiterlijk gedrag objectief observeerbaar en meetbaar is.
  8. 15. een persoonlijke verklaring voor een bepaald fenomeen
  9. 16. de mens betreffend
  10. 17. persoonlijk, volgens eigen mening, partijdig
  11. 19. een ingeving, een vorm van direct weten, zonder dat men hierover grondig nagedacht heeft
  12. 20. onvruchtbaarheid, zich niet kunnen voortplanten
Down
  1. 2. persoon die in zichzelf gekeerd is; alleen willen zijn met je gedachten en ideeën
  2. 3. voorlopige uitspraken over een mogelijk verband tussen onderzochte factoren. Om te weten of een ... correct is of niet moet er verder onderzoek gebeuren.
  3. 4. (= zich aan het einde bevindend) laatste levensfase van een niet meer te genezen zieke
  4. 5. de basis, de grondslagen betreffend
  5. 7. ter zake doend, van belang, toepasselijk
  6. 10. kunnen we best beschrijven als “de algemene sfeer” die er in het opvoedingsmilieu heerst
  7. 14. onder medische begeleiding en via wettelijke voorwaarden je eigen leven beëindigen
  8. 18. doorlopend geheel; in het algemeen is een ... een verzameling van alle mogelijkheden of waarden zonder onderbrekingen