GOUD!

12345678910111213141516171819202122232425262728293031
Across
  1. 3. Die nazaat kan de boom in (6)
  2. 5. Deze woede is raadselachtig (10)
  3. 8. Die Winterswijkse boerenkool is een wegloper (4)
  4. 11. Dat pand van koeienhuid is kosher (5+8)
  5. 12. Zoveel kleinkinderen, laat los! (4)
  6. 14. Deze vader was vroeger nog wel eens aangebrand (3)
  7. 15. Weg met dat oude schoolhoofd! (14)
  8. 16. Op vakantie gaan ze anders naar Lobec (9)
  9. 20. In dat dorp schilt men de boom (5)
  10. 21. Borreltijd (4+2+2+4)
  11. 22. Korenwijn en Beerenburg (12)
  12. 26. Daar verkocht Mien planeten (12)
  13. 27. Dubbel zoveel suiker! (10)
  14. 29. Daar werkte hij en dat spreekt zij (6)
  15. 30. Zet Mien daar wekelijks de tweepoot in de latex? (7)
  16. 31. Die tor was anders een ouwe taaie (3)
Down
  1. 1. Bordeel in de Achterhoek? (10)
  2. 2. In die kuilen is het goed wonen (6)
  3. 4. Een kopje als dessert in dat restaurant (6)
  4. 6. Broeders in de letteren (6+2+3)
  5. 7. Speelt Jaap een populistisch deuntje? (3+2+3+5+4)
  6. 9. De specialiteit van Jaap is een relatie in beweging (13)
  7. 10. Alleen nog op feestdagen de pineut (6)
  8. 13. Maria was zijn werkgever (5)
  9. 17. Kan je volgens Jaap niet op lopen (3+4)
  10. 18. Het is koud in die buurt (11)
  11. 19. Haringvrouw (5)
  12. 23. Miens literaire cyclus (9)
  13. 24. Is elke dag hetzelfde in dat bouwsel? (8)
  14. 25. Die buurvrouw bakt ze bruin (5)
  15. 28. Dat Engelse lied is maar kort in Doesburg (8)