groep 8= woorden les 5
Across
- 2. Degene die verantwoordelijk is voor de inhoud van een journaal, krant of tijdschrift. Hij neemt de beslissing over de onderwerpen.
- 5. Ervoor zorgen dat iets goed bij iets anders past.
- 6. De plek waar opnames worden gemaakt.
- 7. Alles wat te maken heeft met het werk van een journalist.
- 9. De bedrieglijke luxe, de schone schijn. Het lijkt mooi en fijn, maar in het echt hoeft dat niet zo te zijn.
- 12. Iemand die naar een plek reist waar iets bijzonders is gebeurd en daar verslag van doet voor de nieuwsmedia.
- 13. Iemand er aan het schrikken maken, bijv. door hem iets akeligs te alten zien of door iets te doen wat de ander schokt.
- 15. Bepalen en regelen wat er op de set van een film of tv-programma gebeurt.
- 17. Gebaseerd op feiten en niet op meningen.
- 19. Kiezen wat je kunt gebruiken en wat niet.
Down
- 1. De foto’s, illustraties of filmpjes bij een publicatie.
- 3. Vooraf beoordelen hoe iets of iemand zal zijn.
- 4. Wat heel erg lijkt op de werkelijkheid of wat te maken heeft met de werkelijkheid.
- 8. Cijfers die aangeven hoeveel mensen naar een programma gekeken hebben.
- 10. Een bureau dat nieuws verzamelt en aan kranten en journaals levert.
- 11. Het apparaat dat de teksten vertoont die de presentator moet voorlezen.
- 14. Een proefopname om te onderzoeken of je geschikt bent voor film of tv.
- 16. Een nieuwsonderwerp of nieuwsbericht.
- 18. Wat te maken heeft met wat je kunt zien, met beelden.