het verkeer: woordenschat t.e.m. les 14
Across
- 3. een korte weg waarlangs je op een grotere weg komt
- 4. een paal die dwars over de weg kan worden gelegd om die weg af te sluiten
- 6. een baan rechts op de autosnelweg waar je kan staan met je kapotte auto
- 9. witte driehoeken op de weg waar je moet wachten voor ander verkeer
- 10. deel van de weg dat gemarkeerd is met witte strepen
- 11. een smalle weg, meestal niet voor auto's
- 12. smalle strook in het midden van de weg tussen de twee rijrichtingen
- 14. order
- 15. gedeelte van een verharde weg, breed genoeg voor een auto
- 16. alleen die persoon mag beslissen (adjectief)
Down
- 1. opzij gaan voor iets dat op de weg ligt
- 2. het recht om iets als eerste te mogen doen
- 5. een actie die tegen de regels is
- 7. het verkeer mag alleen in één richting rijden
- 8. dichterbij komen
- 13. een weggetje waarover iemand van zijn huis de openbare weg op kan rijden