Hoofdstuk 1 - Wateroverlast (4 havo)
Across
- 3. De hoofdrivier met alle zijrivieren samen
- 4. Veranderingen in neerslag gedurende het jaar
- 7. Het zouter worden van de bodem
- 10. Stuk grasland naast de rivier dat kan overstromen in de winter
- 16. De grootste zoetwatervoorraad van Nederland
- 17. Hoogteverschil per afgelegde km
- 18. Een muur in een rivier die het water kan tegenhouden met een sluis er in
- 19. Bocht in een rivier
- 20. Boven-, midden- en benedenloop samen
- 22. Een rivier die alleen maar water afvoert van neerslag
- 24. Houten plaat verticaal in de rivier om deze bevaarbaar te houden
- 25. Waterafvoer op een bepaald punt in de rivier
- 26. Veranderingen in waterafvoer van een rivier gedurende het jaar
- 27. Een rivier die neerslag water en smeltwater afvoert
- 30. Zeespiegelstijging door het smelten van ijskappen
- 31. Een grens tussen twee stroomgebieden (vaak een berggebied)
- 32. Een plotselinge sterke stijging van het debiet
- 33. Het vertakken van de rivier dichtbij de zee
- 34. Water voor een korte tijd opslaan (bijv. in uiterwaard)
Down
- 1. Water zo snel mogelijk naar zee brengen
- 2. Het toenemen van de hoeveelheid asfalt in de wijk
- 5. Het in de grond trekken van water
- 6. Hoogteverschil tussen twee punten in een rivier
- 8. Een rivier die alleen smeltwater afvoert
- 9. Het warmer, natter en/of droger worden op aarde
- 11. Als een rivier bij de monding niet vertakt
- 12. Het hele gebied waar neerslag valt dat in een bepaalde rivier uit komt
- 13. De tijd dat het kost voordat regenwater in de rivier komt
- 14. De dijk die is aangelegd om de Zuiderzee te veranderen in het IJsselmeer
- 15. De plek waar de rivier in de zomer stroomt
- 21. Een extra kanaal naast de rivier gegraven
- 23. Test van de overheid om te testen of een bouwlocatie voldoet aan de eisen m.b.t. wateroverlast
- 28. Zeespiegelstijging door het stijgen van de zee en dalen van de grond
- 29. Water zo lang mogelijk opslaan (bijv. groen dak)