Hoofdstuk 2 mavo 1
Across
- 3. Een deel van je inkomen geef je niet uit, maar bewaar je voor later.
- 4. Geld gebruiken dat van een ander is.
- 9. Alles wat je meer terugbetaalt dan je geleend hebt.
- 11. Geld kun je gebruiken als spaarmiddel, als rekenmiddel of als ruilmiddel.
- 12. Tastbaar geld in de vorm van munten en bankbiljetten.
Down
- 1. Een vast bedrag dat je elke maand betaalt voor rente en aflossingen van een lening.
- 2. Bij lenen is rente een vergoeding die je aan de bank betaalt voor het gebruiken van hun geld.
- 5. Terugbetalen van geld dat je geleend hebt.
- 6. Betalen via internet, met je bankpas of met je telefoon.
- 7. Een vergoeding die je krijgt van de bank voor jouw spaargeld. Rente wordt uitgedrukt in procenten per jaar.
- 8. Het bedrag dat op je bankrekening staat.
- 10. Geld op je bankrekening. het is niet tastbaar.