Jungle

12345678910111213141516171819202122232425262728293031323334353637383940
Across
  1. 3. Iemand die heel veel over een onderwerp weet
  2. 4. Het omzagen of omhakken van bomen
  3. 6. Ervoor zorgen dat iets niet gebeurt
  4. 9. Iets in zich hebben
  5. 10. Een gebied waar weinig mensen komen, met wilde natuur
  6. 11. Contact hebben, bijvoorbeeld door te praten, te schrijven of met gebaren
  7. 13. Rondkijken om te ontdekken hoe de omgeving is
  8. 14. Zweten
  9. 16. Beestjes waar mensen last van hebben
  10. 17. Het bos in tropische landen
  11. 18. Een tropische plant die als een sliert tegen bomen aan groeit
  12. 20. Ontwijken, zorgen dat je er niets mee te maken krijgt
  13. 22. Plek waar mensen of dieren worden verzorgd en geholpen
  14. 26. Rekening houdend met wat goed is voor dieren
  15. 28. Spannend of bijzonder
  16. 30. Het oerwoud. Een bos met tropische planten. Het is er warm en vochtig
  17. 32. Bultjes, rode plekken of jeuk op de huid
  18. 34. Goed kijken naar wat iemand of iets doet
  19. 36. Een heel dun gordijn om een bed heen. Het houdt insecten tegen
  20. 38. Een soort worm die zich op je huid vastzet en bloed opzuigt
  21. 40. Een plek waar alles heel mooi is
Down
  1. 1. Als er een heleboel bij elkaar zijn
  2. 2. Heel warme landen met een jungle
  3. 5. Ver van de bewoonde wereld
  4. 7. Schoonmaken zodat er geen bacteriën meer op zitten
  5. 8. Puur, wild. De mens heeft het nog niet veranderd
  6. 12. Heel hard, erg luid
  7. 15. Plaatselijk
  8. 19. Dat wat in een land thuis hoort, bijvoorbeeld mensen of planten
  9. 21. Een natuurgebied dat beschermd wordt
  10. 23. Een ontdekkingstocht, vaak in een vreemd land
  11. 24. Een boek met tips om te overleven in de natuur
  12. 25. Iemand die op avontuur gaat
  13. 27. De plek waar je woont, meestal maar kort
  14. 29. De plek waar een insect gestoken of gebeten heeft
  15. 31. De omgeving waarin een groep mensen of dieren leeft
  16. 33. Geschikt om te eten
  17. 35. Wat lang meegaat of lang blijft bestaan
  18. 37. Een plant die omhoog klimt tegen bijvoorbeeld een boom of een muur
  19. 39. Iemand die bezoekers of toeristen rondleidt of de weg wijst