LS1U1U2
Across
- 2. lievelings-
- 3. dus
- 5. de prijs
- 9. organiseren
- 12. getrouwd
- 13. het feest
- 14. ontmoeten
- 15. de slaapkamer
- 16. grappig
- 18. de echtgenoot, man
- 22. eten
- 24. de tante
- 29. de tweeling
- 30. gescheiden
- 31. de opa
- 32. de oom
- 33. het probleem
- 36. mama
- 38. de metro
- 39. de trein
- 41. veut hij wil
- 43. juni
- 47. verhuizen
- 48. de uitnodiging
- 51. jij ziet
- 53. de zoon
- 54. augustus
- 55. klein
- 57. de vakantie
- 58. de boodschap
- 60. de ouders
- 61. beste
- 63. de tante
- 66. de zus
- 67. de volwassene
- 68. de taart
- 69. thuis
- 70. echt
- 71. papa
- 73. de afspraak
- 74. op
- 76. de buurman
- 77. altijd, nog altijd
- 78. de bloem
- 80. de ruzie
- 81. de dochter
- 82. luisteren naar
- 83. zij lacht
- 85. omdat
- 86. winkelen
Down
- 1. het eens zijn
- 4. bij ons (thuis)
- 5. de grootouders
- 6. iedereen
- 7. houden van
- 8. dol zijn op
- 10. zaterdag
- 11. samen
- 17. nog, weer
- 18. het geluk
- 19. de buurvrouw
- 20. de hond
- 21. alleen
- 23. de vriend
- 25. klaargemaakt, voorbereid
- 26. het nummer
- 27. de oma
- 28. ik begrijp
- 31. de nicht
- 34. het gezin, de familie
- 35. de foto
- 37. de halfbroer
- 40. de moeder
- 42. de oom
- 44. naar huis gaan
- 45. uitnodigen
- 46. lopend
- 49. zwart
- 50. deux allebei
- 52. ik ga
- 56. het kind
- 59. ander
- 62. de verjaardag
- 64. werken
- 65. bovendien
- 66. de neef
- 68. de broer
- 72. de vader
- 75. sinds
- 79. de vriendin
- 80. het weekend
- 84. echt (bijv. nwrd)