Oma Lea’s Boswandeling

123456789101112131415161718192021
Across
  1. 2. – Aan je voeten na een wandeling op het strand
  2. 4. – Groot, stevig en staat al jaren in de tuin
  3. 7. – Verlicht de nacht boven het bos
  4. 8. – Niet zo groot als een boom, wel met bessen
  5. 9. – Een huisje voor vogels
  6. 12. – Groeit in de grond, goed voor de ogen
  7. 14. – Kwaakt en springt in de vijver
  8. 16. – Zweven in de lucht, soms dreigend
  9. 17. – Vliegt van bloem naar bloem
  10. 18. – Groen tapijt in de tuin
  11. 20. – Gracieus dier dat vaak schuw is
  12. 21. – Valt van bomen in de herfst
Down
  1. 1. – Rood met witte stippen, maar niet eten!
  2. 3. – Slim dier met rode vacht
  3. 4. – Veel bomen, rust en wandelplezier
  4. 5. – Kleine druppels op het gras in de ochtend
  5. 6. – Vliegt rond bloemen en maakt honing
  6. 7. – Heel klein, maar sterk en druk bezig
  7. 8. – Maakt alles wit in de winter
  8. 10. – Waar je bloemen plant
  9. 11. – Beestje met pluimstaart dat nootjes steelt
  10. 13. – Valt uit de lucht, maakt alles nat
  11. 15. – Zon, regen of wind – je kijkt er elke dag naar
  12. 17. – Zingt vrolijk in de ochtend
  13. 19. – Kan je vinden op vakantie aan zee