opa

123456789101112131415161718192021222324252627
Across
  1. 2. je werkgever die je heel erg gewaardeerd heeft
  2. 7. je dochter die haar naam niet gestolen heeft
  3. 8. een buur die regelmatig op bezoek komt
  4. 9. je dagelijks spelprogramma op tv
  5. 11. werkgever uit je jeugd
  6. 14. daar plant je je tomaten in
  7. 15. lidwoord
  8. 16. dagelijks eet je dit, samen met een boterham
  9. 18. elk weekend ga je er naar toe, meestal met Lionel
  10. 21. daar kijk je graag naar op eurosport
  11. 24. waar cactussen groeien
  12. 25. naam van je broer
  13. 26. samen met nonkel André heb je dit veel gedaan
  14. 27. daar leg je een pasgeboren kindje in om te slapen
Down
  1. 1. gesloten
  2. 3. dier met slurf
  3. 4. wast je 2x per week
  4. 5. voorzetsel
  5. 6. vrouw en moeder
  6. 10. dit heb je nodig om fit te blijven
  7. 12. draag je om beter te zien
  8. 13. tante die veel heeft afgezien door de ziekte van Parkinson
  9. 14. groene groente, bevat veel ijzer
  10. 17. ultraviolet
  11. 19. was glad maken
  12. 20. gras afdoen
  13. 22. groente die je zaait tussen wortels
  14. 23. je bent er een krak in, vooral uit het hoofd