planten

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 3. Zit aan de onderkant van een blad en laat gassen in en uit het blad.
  2. 4. Organismen die hun organische stoffen krijgen van andere organismen noem je …….
  3. 5. Verzamelnaam voor alle moleculen die tot de suikers gerekend worden.
  4. 6. Vervoert water en suikers naar de wortel van een plant, maar ook naar de bloemen en vruchten.
  5. 8. De bouwstenen van een eiwit.
  6. 10. Als een organisme zelf zijn organische stoffen kan maken uit anorganische stoffen
  7. 13. Staat aan het begin van een voedselketen
  8. 17. Water met mineralen stroomt in een plant via ……….. naar boven
  9. 18. …………….. zijn selectief permeabel
  10. 19. Als de ene oplossing een hogere osmotische waarde heeft dan de andere, dan noemen we deze oplossing ……………..
  11. 20. De factor die het minst optimaal aanwezig is en daardoor de snelheid van een proces bepaalt noemen we de ……………. Factor
Down
  1. 1. Opbouwen van organische stoffen uit bepaalde grondstoffen.
  2. 2. Een stof die niet energierijk is, zoals een mineraal.
  3. 7. De druk van de cel tegen de celwand
  4. 9. Dit gas komt vrij bij fotosynthese.
  5. 11. Glucose omzetten in andere organische stoffen (bijv. vet) noemen we ………… assimilatie
  6. 12. Het maken van glucose door een (groene) plant.
  7. 14. De lichtsterkte waarbij de O2-productie door de fotosynthese gelijk is aan O2-verbruik door de dissimilatie
  8. 15. ……………. geven geel/oranje/rode kleur aan bloemen en vruchten
  9. 16. Vetten en koolhydraten zijn voorbeelden van ............ stoffen