Posterwoorden groep 1

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536
Across
  1. 2. onlangs, kort geleden
  2. 5. land of gebouwen gebruiken tegen betaling
  3. 6. als je jouw plan beslist wilt uitvoeren
  4. 7. eentonig, saai
  5. 8. opmaken
  6. 9. voorbijgaan, zich afspelen
  7. 11. praten zodat iemand of iets er voordeel van heeft
  8. 12. als je alles bij het oude wil laten
  9. 13. de zaak of gebeurtenis die iets aankondigt
  10. 14. volmaakt, zonder fouten
  11. 15. het recht dat anderen niet hebben
  12. 16. de macht, het regeren
  13. 18. de regering van een land, provincie of gemeente
  14. 20. de dikke vloeistof
  15. 21. de ruil
  16. 24. de eerste kennismaking
  17. 26. dom, zonder betekenis
  18. 28. verbeteren, de fouten eruit halen
  19. 29. de normale gang van zaken verstoren
  20. 30. macht hebben over iemand of een land
  21. 32. het vermogen of de kracht om tegenstand te kunnen bieden
  22. 33. uit de grond of zee halen
  23. 34. het zorgen voor iets, er voor verantwoordelijk zijn
  24. 35. wat je vast kunt pakken
  25. 36. de uitdrukkingen van je gezicht
Down
  1. 1. iemand die werkt bij of voor de overheid
  2. 3. een beschermde plaats, vroeger door muren en omwalling
  3. 4. wat je kunt tellen of meten, als het om de hoeveelheid gaat
  4. 7. het werk van mensen of dieren vervangen
  5. 9. dat waarvan je denkt dat het waar is
  6. 10. plotselinge uitbarsting van iets
  7. 15. iets waarvoor gezorgd is of wordt
  8. 17. als je alleen op feiten let
  9. 19. erg, nogal, tamelijk
  10. 22. op een idee brengen, aansporen
  11. 23. als je ergens goed over hebt nagedacht
  12. 25. het maken van producten in de industrie
  13. 27. zonder er eerst over na te denken
  14. 31. zoals het lijkt
  15. 32. iets dat weergegeven wordt door middel van geluid of tekst