Puzzel hoofdstuk 2, 3 en 6

12345678910111213141516171819202122232425
Across
  1. 1. Een % verandering bereken je met: nieuw - .... / .... x 100%
  2. 6. De taakverdeling bij bedrijven noemen we ....
  3. 8. Debiteuren horen bij de .... activa.
  4. 10. Als goederen elkaar aanvullen, zijn ze ....
  5. 12. Goederen die in dezelfde behoefte voorzien zijn ....goederen.
  6. 15. Aan een .... moet een bedrijf nog betalen.
  7. 20. De hoeveelheid producten die 1 persoon in een bepaalde tijd kan maken.
  8. 23. Bij .... goederen neemt de vraag af als het inkomen stijgt.
  9. 25. Ruilen met geld noemen we ook wel .... ruil.
Down
  1. 1. Bij deze marktvorm kan kartelvorming ontstaan.
  2. 2. Hoe hoger de prijs, hoe .... het aanbod.
  3. 3. % verandering van de vraag gedeeld door de % verandering van de prijs.
  4. 4. De aandelenmarkt is een voorbeeld van een .... markt.
  5. 5. De gemiste inkomsten als je gaat zwemmen in plaats van gaat werken.
  6. 7. De lijn die de beschikbare combinaties van 2 producten weergeeft.
  7. 9. Aan de ....kant van de balans staat hoe de bezittingen betaald zijn.
  8. 11. Bij deze goederen is de inkomenselasticiteit hoger dan 1.
  9. 13. De balans is altijd in ....
  10. 14. De 4 P's zijn plaats, promotie, prijs en ....
  11. 16. Een marktvorm met maar 1 aanbieder.
  12. 17. Vraag en aanbod zijn hier gelijk.
  13. 18. Schoenen zijn een voorbeeld van een .... product.
  14. 19. Deze lijn loopt dalend.
  15. 21. Aan de linkerkant (activakant) van de balans staan de .... van een bedrijf.
  16. 22. Als de vraag toeneemt, verschuift de vraaglijn naar ....
  17. 24. Als het aanbod afneemt, verschuift de aanbodlijn naar ....