Quiz eco
Across
- 3. Pull factoren veroorzaken een verschuiving van de ..........
- 5. Volgens deze index wordt de inflatie in Belgie gemeten.
- 8. Een handelsbelemmering die de hoeveelheid import aan banden legt.
- 10. Heeft als doelstelling de inflatie onder, maar zo dicht mogelijk bij 2% te houden.
- 11. Bekende britse econoom uit de jaren 1930 - 1940, met snor.
- 12. Centrale Bank, maar dan Amerikaans.
- 14. Rente die resulteert uit nominale rente - inflatie.
- 15. Geld in de vorm van bankbiljetten en munten
- 18. Stijging van de wisselkoers.
- 20. Wordt sinds 1994 gebruikt in het kader van automatische loonindexering.
- 22. Hoe hoger, hoe meer geld er kan gemaakt worden.
- 25. Lonen stijgen, prijzen stijgen. Maar als de prijzen stijgen, dan moeten de lonen ook weer stijgen.
- 26. Deze persoon weet best iets over opvoeden.
Down
- 1. Een econoom, bekend van een vergelijking.
- 2. Verzamelnaam voor het linkerlid in een bekende economische vergelijking.
- 4. Je bent bereid om 5 euro te betalen, maar je moet uiteindelijk maar 3 euro betalen.
- 6. Goudsmeden in Engeland gaven dit document in ruil voor een hoeveelheid gedeponeerd goud.
- 7. Motief om geld aan te houden om in de toekomst een transactie te doen of omdat de toekomst onzeker is.
- 9. Achternaam van een leerkracht van 6EWI.
- 13. Een daling van het algemeen prijspeil.
- 16. Belgische roeier
- 17. Opportuniteitskost van het aanhouden van cash geld.
- 19. Deze geoliede straat komt elke dag in het nieuws.
- 21. Inflatie zonder energiedragers en onbewerkte levensmiddelen
- 23. Achternaam van de voorzitster van de ECB.
- 24. Index gebruikt door de ECB om de inflatie in de eurozone te meten.