Regen

123456789
Across
  1. 2. daar kun je een pop mee maken
  2. 4. daar ga ik naar toe als de zon schijnt
  3. 5. daarop volgt een donderslag
  4. 6. daar ben ik bang voor
  5. 8. die maakt deuken in de auto
  6. 9. die schijnt vandaag niet
Down
  1. 1. die trek ik aan als het regent
  2. 3. daar valt regen uit
  3. 7. daar word je nat van