Schrijf je het met g of ch?

12345678910111213
Across
  1. 2. Het is een soort verwarming. Je moet er hout in gooien.
  2. 6. Zo noem je een samenkomst van mensen die ergens over willen praten. Ze houden dan een ...
  3. 9. Hierin kan je kijken als je wil weten of je haar mooi is.
  4. 11. Hier kan je even zitten terwijl de dokter iemand anders aan het helpen is.
  5. 12. Zo noem je iemand die reist.
  6. 13. Dit kan je iemand sturen met je gsm.
Down
  1. 1. De dief moet naar de ... voor zijn veroordeling.
  2. 3. Dit doe je aan als het donker is en je nog iets wil zien.
  3. 4. Hier moet je op gaan staan om te weten wat je gewicht is.
  4. 5. Dit doen verpleegsters in een ziekenhuis. Ze ... de zieke mensen.
  5. 7. Zo noem je iemand die een konijn uit een hoed kan toveren.
  6. 8. Je zoekt een ander woord voor 'je lijf'.
  7. 10. Sommige kinderen krijgen dit elke maand. Ze kunnen dan sparen.