Sinterklaas

12345678910111213141516
Across
  1. 2. de sint gebruikt het als wandelstok
  2. 6. mensen jonger dan jong-volwassen
  3. 8. sinterklaas zit er vaak op
  4. 10. een buis die op het dak staat
  5. 12. tussen de avond en de ochtend
  6. 14. een soort snoepgoed dat bruin is
  7. 16. de piet doet het met zijn pepernoten
Down
  1. 1. hier zit het snoep en de cadeautjes in
  2. 2. hier doen sint en piet je cadeautjes in
  3. 3. hierop schrijf je wat je wilt hebben
  4. 4. hier staan de stoute kinderen in
  5. 5. de sint epileert het niet
  6. 7. het hulpje van sinterklaas
  7. 9. hier brand het vuur in
  8. 11. hele zoete snoepjes
  9. 13. schijnt door de bomen
  10. 15. de piet slaat er mee