Spel en spelactiviteiten begeleiden
Across
- 3. Vrij spel wordt ook ............... spel genoemd.
- 4. ............... zijn is een basisvaardigheid waarbij we vertrekken vanuit de leefwereld van het kind en niet vanuit onze eigen interesses.
- 8. Een vorm van expressie waarbij we op een creatieve manier omgaan met lichaamsbeweging.
- 10. Alle kinderen zitten in een kring en luisteren naar het verhaal van ‘Brommeltje wil mama helpen’. In de omgang met kinderen wordt hier gebruik gemaakt van …………… expressie.
- 12. Een belangrijke taak van de volwassene bij het begeleiden van vrij spel is het gericht kijken naar de kinderen: wat zijn hun behoeftes, interesses… Deze basisvaardigheid noemen we …………….
- 13. Doktertje spelen is een voorbeeld van ……………
- 15. Wanneer we met kinderen werken, proberen we de verschillende expressievormen zoveel mogelijk te …………… zodat alles mooi één geheel vormt.
- 16. Uitgebreid aan de slag gaan om allerlei dingen uit te proberen, uit te zoeken noemen we ……………
- 18. Gestructureerd spel wordt ook …………… spel genoemd.
Down
- 1. Twee kinderen spelen samen met de blokken en bouwen samen een huis. Dit is een voorbeeld van …………… spel.
- 2. Wanneer kinderen afzonderlijke activiteiten uitvoeren, maar wel spelmateriaal uitwisselen en reageren op elkaars gedrag, spreken we van ……………spel.
- 5. In de spelfiches die jullie al maakten stelden jullie zich onder andere de vraag waarom je een bepaalde activiteit doet, wat je met een activiteit bij de kinderen wilt stimuleren. We hebben het hier dan over de ...............
- 6. Bouwblokken, duplo, playmobiel, lego enz. zijn voorbeelden van ……………speelgoed.
- 7. De kinderbegeleider organiseert bij een nieuwe groep kleuters (5 jaar) een kringgesprek waarbij de kinderen meer te weten komen over elkaar (wie houdt van dansen, tekenen, wie heeft huisdieren, broers/zussen…?) Welke doelstelling/vaardigheid wordt nagestreefd bij deze georganiseerde activiteit?
- 9. Een peuter komt in een totaal nieuwe situatie terecht en het eerste wat het kindje doet is de situatie verkennen en onderzoeken. Dit noemen we ook ……………
- 11. Spel waarbij kinderen dicht bij elkaar spelen met hetzelfde speelgoed, maar nog niet samen spelen noemen we……………
- 14. Materiaal dat ............... is materiaal dat hun nieuwsgierigheid wekt, dat hen aanzet tot experimenteren.
- 17. Materiaal aanbieden dat de verwondering stimuleert en dat aanzet tot experimenteren = spel............... geven.