Spelling

123456789101112
Across
  1. 3. Geen man, maar een ...
  2. 4. Gebouw waar kinderen les krijgen
  3. 5. Vijfde dag van de week
  4. 6. Niet groot
  5. 8. Een drankje dat geen kleur, geur of smaak heeft
  6. 10. Verkeerd
  7. 11. Willen drinken
  8. 12. Stuk grond bij je huis met bloemen, bomen en planten
Down
  1. 1. Viktor is niet mijn zus, maar mijn ...
  2. 2. Voertuig op vier wielen
  3. 4. Een luide roep
  4. 6. Iemand die iets koopt in een winkel
  5. 7. Lang stuk vlees met gehakt
  6. 9. Schoon