Taak kruiswoordraadsel medische termen

12345678910111213141516171819202122232425262728293031
Across
  1. 2. Een medische hulpmiddel dat bij letsels en aandoeningen van het bewegingsapparaat door de arts worden voorgeschreven om te ondersteunen en de genezing te bevorderen.
  2. 3. Klein orgaan in het lichaam die belangrijke hormonen (adrenaline en noradrenaline) maakt. Ieder mens heeft er twee, één aan de linkerkant en één aan de rechterkant.
  3. 7. Een medisch specialist die zich heeft toegelegd op het opsporen, diagnosticeren en behandelen van ziekten van het hart.
  4. 10. Een infectieziekte veroorzaakt door de parasiet Toxoplasma gondii. U kunt ermee in contact komen door het eten van besmet rauw vlees en rauwe groenten of via uitwerpselen van katten.
  5. 11. Een medisch hulpmiddel. Het gaat om een buisje dat door medisch personeel in het lichaam ingebracht kan worden.
  6. 14. Schaafwond, afkrabbing
  7. 18. Een behandelvorm waarbij met de handen klachten worden verholpen door de natuurlijke lichaamsfuncties te herstellen.
  8. 24. Wanneer de wervelkolom abnormale, zijwaartse krommingen heeft.
  9. 25. Mucoviscidose of muco (ook wel taaislijmziekte of cystic fibrosis genoemd) is de meest voorkomende levensbedreigende erfelijke ziekte in België. Kan zorgen voor terugkerende luchtwegeninfecties, longontstekingen, buikpijn en andere spijsverteringsproblemen.
  10. 28. Een biologische ziekteverwekker, bijvoorbeeld een bacterie, virus of schimmel.
  11. 29. De transplantatie van levende cellen, weefsels of organen van de ene naar de andere diersoort
  12. 30. Een voorspelling van het verloop van een ziekte.
  13. 31. Een ontsteking van het neusslijmvlies. Dat geeft klachten als een loopneus, niezen, neusverstopping, geprikkelde keel, verstopte oren, hoesten en hoofdpijn.
Down
  1. 1. De tijd die verloopt tussen de besmetting en het uitbreken van de ziekteverschijnselen.
  2. 4. Een medische term voor toename van ziektesymptomen. Hij wordt gebruikt voor chronische aandoeningen die een wisselende mate van activiteit vertonen.
  3. 5. De medische term voor kennis over kanker en de behandeling van mensen met kanker.
  4. 6. Het uitnemen van een stukje weefsel voor microscopisch onderzoek.
  5. 8. De luchtwegenvertakkingen, zijn luchtwegen voor de ademhaling die tussen de luchtpijp en bronchioli zitten.
  6. 9. Een veelvoorkomend probleem dat ontstaat na beschadiging van de grote bloedvaten. Het lijkt op een doodgewone blauwe plek, maar dat is een beschadiging van de kleinere bloedvaten.
  7. 12. Een ontsteking in de kleine buisjes van de longen (de bronchiën). De belangrijkste verschijnselen zijn hoesten en kortademigheid.
  8. 13. De aanwezigheid van vocht op plaatsen in het lichaam waar vocht normaal niet of nauwelijks aanwezig is. Voorbeelden zijn de enkels, de buik of de longen.
  9. 15. De verdoving die u krijgt voor uw operatie. De verdoving schakelt uw pijnzenuwen tijdelijk uit. Hierdoor voelt u tijdens de operatie geen pijn.
  10. 16. Is de uitwisseling van in water opgeloste stoffen door een semipermeabel membraan. Vaak wordt het gebruikt als synoniem voor hemodialyse, een van de bestaande nierfunctievervangende therapieën.
  11. 17. Een ziekte aan de lage luchtwegen die vooral in de winter voorkomt. De longblaasjes en het weefsel daaromheen zijn ontstoken.
  12. 19. Een Schotse arts en microbioloog in het veld van de medische microbiologie die voor de ontdekking van penicilline een Nobelprijs heeft gekregen.
  13. 20. Een geluid dat niet van buiten komt, maar als het ware in één of beide oren in uw hoofd zit. Iemand anders kan het geluid niet horen.
  14. 21. Een verzameling verschijnselen die zich manifesteert als ongecontroleerde spierbewegingen en het maken van geluiden (tics).
  15. 22. Een arts voor een oudere patiënt, die last heeft van verschillende aandoeningen tegelijkertijd. Vaak gaat het om een combinatie van lichamelijke, psychische en sociale problemen.
  16. 23. Een aanduiding in de geneeskunde dat betekent dat een baby te vroeg geboren is.
  17. 26. Een ander woord voor hoge bloeddruk, wanneer de bovendruk 140mmHg of meer bedraagt en de onderdruk 90 mmHg of meer.
  18. 27. Een medische beeldvormingstechniek die wordt gebruikt voor het in kaart brengen van het lichaam en bepaalde lichaamsprocessen.