Taal thema 1

123456789101112
Across
  1. 5. Een gebied om iets of iemand heen
  2. 7. Met een ander aan hetzelfde werken
  3. 10. Iemand die je niet kent
  4. 11. Met elkaar praten
  5. 12. Iets met te veel zorg een aandacht doen
Down
  1. 1. Iemand die ergens over praat
  2. 2. een groot net dat je tussen twee bomen ophangt
  3. 3. Iemand die helpt met het bouwen van een gebouw
  4. 4. Iemand die je kent
  5. 6. Iemand die ergens naar luistert
  6. 8. Een voorwerp waarmee je iets doet of maakt
  7. 9. De vriend met wie je het meeste speelt