Taal thema 2

123456789101112131415161718
Across
  1. 1. iets niet laten doorgaan
  2. 3. iemand die naar een sportwedstrijd kijkt
  3. 5. iets wat je gedaan hebt en waar je trots op kunt zijn
  4. 7. naar de zijkant
  5. 11. vaak
  6. 12. een groot sportterrein met tribunes eromheen
  7. 14. veranderen door het langer te maken
  8. 15. een groot stuk doek waar dingen op geschreven zijn
  9. 17. het moet echt
  10. 18. een ovale baan van 400 m
Down
  1. 2. een hal voor binnen sporten
  2. 4. als je de bal opslaat bij tennis
  3. 6. hard rennen over een korte afstand
  4. 8. in de loop van
  5. 9. op een overdrijven manier je best doen voor iets
  6. 10. bijna nooit
  7. 13. desondanks
  8. 16. uitleg hoe je de werk moet gaan