Thema 1: les 1 en 2
Across
- 2. de spullen die bewaard worden om ze later te gebruiken
- 4. op een bepaalde manier de spullen neergezet
- 9. het grootst van allemaal
- 10. een stof die uit de grond wordt gehaald om er iets van te maken
- 12. een wagen of kar die achter een auto kan worden gehangen
- 13. ruimte waar dingen worden gemaakt
- 14. opruimen
Down
- 1. het geld dat je hebt moeten betalen om iets te maken of te kopen
- 3. een klein metalen of houten staafje waarmee je iets vast maakt
- 4. een plaats waar veel fabrieken bij elkaar staan
- 5. iemand laten begrijpen dat hij dit niet meer op die manier moet doen
- 6. ergens komen en daar iets of iemand vinden
- 7. als je iets verkoopt voor meer geld dan je zelf betaald hebt
- 8. een grote ruimte in een fabriek
- 11. iets aanpakken
- 12. iets ergens brengen
- 15. de baas spelen