themawoorden

1234567891011
Across
  1. 5. – Het had net zo goed anders kunnen gaan.
  2. 6. – Niet meer zonder kunnen.
  3. 7. – Prachtig, heel erg mooi.
  4. 9. – Je kunt straf verwachten.
  5. 10. – Zo onverwacht dat je ervan schrikt.
  6. 11. – Een lange en beweeglijke arm van een dier.
Down
  1. 1. – Ongunstig voor, in het nadeel van.
  2. 2. – Als het er echt op aankomt.
  3. 3. – Denkbeeldig, niet echt bestaand.
  4. 4. – Iets heel erg interessant vinden, je bent geboeid.
  5. 8. – Al je aandacht ergens op richten, je kunt nergens anders meer aan denken.