Themawoorden taal hoofdstuk 4

1234567891011
Across
  1. 5. De geldzaken
  2. 6. Je bent failliet als je schulden niet meer kunt betalen
  3. 8. Bewijs op papier dat er geld van je rekening is betaald
  4. 9. Iemand die je erg bewondert
  5. 10. Nieuw en van deze tijd
  6. 11. Bewijs op papier dat er geld op je rekening is bijgekomen
Down
  1. 1. Dat wat je bewaart om aan iets herinnerd te worden, een souvenir
  2. 2. Je weet wat je doet
  3. 3. Het bedrag dat je iedere maand krijgt voor het werk dat je doet
  4. 4. invallen, tijdelijk overnemen / zien of horen
  5. 7. Waar je het meest van houdt