TJ b3w1

1234567
Across
  1. 4. Snappen.
  2. 6. Na een reis ergens komen.
  3. 7. Het gesprek tussen twee mensen.
Down
  1. 1. Zien dat iemand iets stiekem doet.
  2. 2. De taal die je thuis spreekt.
  3. 3. Een beweging om iets duidelijk te maken.
  4. 5. Vanaf het moment dat.