vakantie

12345678910
Across
  1. 2. een korte broek
  2. 4. iets wat je niet lang kan doen als het school is
  3. 5. een plek met veel bomen
  4. 9. iets wat vertrekt uit een luchthaven
  5. 10. iets wat je kan doen in het water
Down
  1. 1. smelt in de zon en is lekker
  2. 3. als er geen school is is het vakantie
  3. 6. ik speel wij .....
  4. 7. de laatste maand van de vakantie
  5. 8. je word een jaartje ouder