Veelvoorkomende woorden in examens 3F
Across
- 4. wat je wilt bereiken
- 7. laten zien
- 8. voorlopige stelling / stelling die nog bewezen moet worden
- 10. eindoordeel
- 11. officieel/zakelijk
- 13. alle argumenten samen
- 14. wat je wilt bereiken
- 16. gedeeltelijk objectieve en subjectieve tekst die een onderwerp van verschillende kanten belicht en die de lezer aanzet tot nadenken
- 18. vaststelling
- 20. inbegrepen
- 21. antwoord op een vraag
- 22. woord dat aangeeft welke functie een alinea of tekstdeel heeft
- 24. medebepalend deel
- 25. woorden iets onder woorden brengen door eigen formulering (dus niet door citeren)
- 26. voornaamste kenmerk(en) van een verschijnsel
- 27. met feiten de juistheid van een stelling of theorie aantonen
- 29. uitleg hoe iets in elkaar zit
- 30. bezwaar, tegenwerping
- 31. waarvoor iets dient
- 32. vrijblijvend, niet officieel
- 33. beschrijving van je levensloop, lijst met persoonlijke gegevens bij een sollicitatiebrief
- 35. brief artikel dat je wilt plaatsen in een krant
- 36. vraagstelling de hoofdgedachte in een betoog / (in een vraag verpakt) standpunt dat in een betoog wordt verkondigd
- 37. herkenningsteken, eigenschap
- 40. vermaken
- 45. onder woorden brengen
- 47. (te) algemene voorstelling van zaken / alles over één kam scheren
- 48. onderzoek door vragen aan een groot aantal mensen
- 49. nauwkeurige beschrijving
- 52. bij elkaar passend
- 53. in grote lijnen, ongeveer
- 55. keuze maken door voor- en nadelen of mogelijke oplossingen te wegen
- 56. stuk, een deel van iets
Down
- 1. subjectieve tekst met een duidelijk standpunt en een duidelijke argumentatie met de bedoeling om te overtuigen
- 2. de mening of gevoel dat de schrijver heeft bij een bepaald onderwerp, bijvoorbeeld afkeer of bewondering
- 3. centrale vraag in een tekst
- 5. (goede) raad
- 6. overeenkomst
- 9. in het bijzonder, alleen in dit ene geval
- 12. belangrijkste uitspraak van de schrijver over het onderwerp in één zin
- 15. plaatje, afbeelding
- 16. positief of negatief oordeel over een mening of onderwerp
- 17. een tekst is onderverdeeld in alinea's / aantal zinnen over hetzelfde onderwerp
- 19. goed advies, goede raad
- 21. de nauwkeurige beschrijving van een bepaald begrip
- 23. reclame of oproep in een krant of tijdschrift
- 28. afspraak over schrijfregels die je moet gebruiken
- 30. uitspraak
- 34. informatie krijgen of geven
- 36. letterlijk herhalen wat iemand gezegd heeft
- 38. argumenten met een redeneringsfout
- 39. bedenking, tegenwerping
- 41. uitdrukkelijk
- 42. belangrijkste doel van de schrijver
- 43. onderdeel
- 44. letterlijke aanhaling
- 46. reden om iets te gaan doen
- 50. eerste deel van een tekst
- 51. diepgaand, grondig
- 53. wat volgt uit een actie, verschijnsel of maatregel
- 54. bewijs dat je gelijk hebt