Verwante woorden

123456789
Across
  1. 3. Le voleur avait les bijoux dans ses mains, quand la police est arrivée.
  2. 4. Vandaag zal er enkel een lokale regenbui uit de lucht vallen.
  3. 6. Je moet niet naar Gent rijden. Het bedrijf heeft ook een filiaal in de buurt.
  4. 7. De leerkracht wil de excuses van de leerling niet accepteren.
  5. 8. De houding van die jongen in de klas is zeer negatief.
Down
  1. 1. Door een defect aan de waterpomp waren de vissen in het aquarium gestorven.
  2. 2. Vous n'avez pas répondu à ma question.
  3. 3. De soldaten zijn op missie naar Syrië vertrokken.
  4. 5. De leerling was zijn jas vergeten in de klas.
  5. 9. Stel je niet zo egoïstisch op: denk ook eens aan een ander.