Vocabulary Unit 3
Across
- 2. ergens anders
- 5. ontdekken
- 7. vliegtuig
- 9. overstappen
- 11. binnenstad
- 12. tarief
- 15. bestemming
- 16. metro
Down
- 1. bekend
- 3. passagier
- 4. verkennen
- 6. spoorweg
- 7. avontuurlijk
- 8. reizen
- 10. pendelen
- 13. veerboot
- 14. vertraging