Week 1

123456789101112131415
Across
  1. 4. je bent heel lief en luistert goed naar de regels
  2. 5. doek waarop je met grote letters een leus schrijft
  3. 7. als er veel misdaden worden gepleegd
  4. 9. je mag hier aanspraak op maken, zoals stemmen
  5. 11. dingen worden kapot gemaakt, zoals een bushokje
  6. 12. iets doen wat in de wet verboden is
  7. 14. je vindt iets niet leuk en laat dit merken
  8. 15. deze persoon maakt dingen kapot/vernielt dingen
Down
  1. 1. er worden vragen aan je gesteld over wat er is gebeurd
  2. 2. je haalt grapjes uit zoals belletje trekken
  3. 3. je moet geld betalen als je iets doet wat verboden is
  4. 4. hierin word je geslagen als je wordt opgepakt
  5. 6. dit moet je verplicht doen
  6. 8. een pakkende zin die de aandacht trekt
  7. 10. je houdt je niet aan de regels en doet dingen die niet mogen
  8. 13. iemand van jouw mening overtuigen