week 16
Across
- 1. niet bedacht,niet gepland
- 3. maken
- 6. heel zachtjes regenen
- 8. donker maken
- 9. een schuine lijn
- 11. opeens
- 13. uitproberen
- 14. van boven naar beneden
- 17. ergens veel aan hebben
- 18. afdrukken
Down
- 2. zorgen dat het opvalt
- 4. kopen
- 5. direct,zonder omweg
- 7. gezicht,neus
- 8. wat kan stromen
- 10. opeten
- 12. nogal erg
- 15. het begin
- 16. praten over