Weerwoord week 10 Vogels

12345678910111213141516
Across
  1. 3. Toneelspelen
  2. 6. Eindigen
  3. 7. Iemand met wie je samenleeft of getrouwd bent
  4. 8. Opeens, je had niet gedacht dat het zou gebeuren
  5. 12. Kijken naar wat hetzelfde en wat anders is
  6. 13. Zachte piepgeluidjes die vogels maken
  7. 15. Je tanden gaan (van de kou) steeds vanzelf van elkaar
  8. 16. Sierlijk en een beetje deftig
Down
  1. 1. Proberen in evenwicht te blijven
  2. 2. Het geluid dat een duif maakt
  3. 4. Het leukste of belangrijkste moment
  4. 5. Opvoeden, ervoor zorgen dat een mens of dier volwassen wordt
  5. 9. Ergens bij horen
  6. 10. Hoe iets is op een bepaald moment
  7. 11. Een beetje gemeen lachje
  8. 14. Het deel van een jaar