Woorden 1.1

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 2. – beginnen er te zijn. Bijvoorbeeld: De aarde is miljoenen jaren geleden begonnen met er zijn.
  2. 7. – iets voorbereiden zodat het klaar is om te gebruiken of te eten
  3. 8. – veel zin hebben in iets en er blij of positief over zijn
  4. 11. – iets wat je regelmatig doet en wat je gewend bent te doen
  5. 12. – werken voor een bedrijf of organisatie en daarvoor salaris krijgen
  6. 13. – iets beter maken of zorgen dat iets beter wordt
  7. 14. – heel goed of precies zoals je het graag wilt hebben
  8. 16. – na alles wat er is gebeurd; aan het einde
  9. 17. – het werk waarbij mensen groenten, fruit en andere gewassen verbouwen en dieren houden, bijvoorbeeld koeien, varkens en kippen.
  10. 19. – ook al is er iets wat het moeilijk maakt
  11. 20. – opnieuw; nog een keer
Down
  1. 1. – groter worden en je ontwikkelen van kind tot volwassene
  2. 3. – het regelen en verwerken van brieven, formulieren en rekeningen
  3. 4. – een harde stof, zoals ijzer of aluminium, die bijvoorbeeld wordt gebruikt om gereedschap van te maken
  4. 5. – je lange tijd erg somber/niet blij voelen en weinig zin of energie hebben om iets te doen
  5. 6. - iets wat je volgens de wet mag of waar je volgens de wet aanspraak op kunt maken
  6. 9. – iemand die je begeleidt en helpt om een doel te bereiken
  7. 10. – zeggen dat je iets niet wilt doen of niet wilt accepteren
  8. 15. – iets wat moeilijk is en waarvoor je je best moet doen om het te bereiken
  9. 18. – iets bereiken of behalen, bijvoorbeeld een diploma of rijbewijs