Woorden met ch of g
Across
- 5. Niet links maar ... .
- 7. Zangvogel die vaak 's nachts zingt.
- 9. Tegenovergestelde van snel.
- 10. Een auto of een ... .
- 12. Op de luchthaven landt een ... .
Down
- 1. Een kronkel in de weg.
- 2. Het is koud, we steken de ... aan.
- 3. Heeft hij een zoon? Neen, hij heeft een ... .
- 4. Na vrijdag komt zaterdag.
- 6. Als er iets grappigs is, moet je ... .
- 8. Het tegenovergestelde van vooruit, is ... .
- 11. Eén, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, ... .