Woorden met medeklinkers vooraan

123456789101112131415
Across
  1. 2. Een vieze knobbel
  2. 6. Als je doek nat is moet je hem uit....
  3. 8. Een draak is....
  4. 9. Hij spuwt vuur.
  5. 10. Bij de voetbal speel ik in een ....
  6. 12. Halloween is ....
  7. 14. Dit zetten acteurs op voor een ander kapsel
  8. 15. Ik drink een .... cola
Down
  1. 1. Deze week leren we over de ....
  2. 3. Heel lang geleden
  3. 4. Ik ga .... met Joris
  4. 5. Dit draag je in de winter rond je nek.
  5. 7. Kleine beestjes ... aan je been
  6. 11. Een gebroken bot is een
  7. 13. Lambik draagt een ....