Woordenschat groep 5 les 1.6

1234567891011
Across
  1. 4. Een voertuig dat wordt getrokken door paarden.
  2. 8. Toevallig ergens terecht komen.
  3. 9. Hiermee laat je de motor van een auto harder werken. Je kunt dan harder rijden.
  4. 10. Langzaam rijden, je gaat niet veel harder dan dat iemand loopt.
  5. 11. bliksemsnel
Down
  1. 1. vrachtwagen
  2. 2. iemand die op de weg loopt op rijdt.
  3. 3. Een auto die je gebruikt om dingen mee te vervoeren.
  4. 5. maar
  5. 6. Hiermee vervoer je mensen of dingen. Bijvoorbeeld een auto, een fiets of een brommer.
  6. 7. daarna