woordenschat NN H3 VMBO K

123456789101112131415161718192021222324
Across
  1. 2. geheel, alles bij elkaar
  2. 3. ook niet
  3. 5. gaat om
  4. 10. toch
  5. 12. zulke
  6. 14. gebeurtenissen
  7. 15. persoon die het regelt
  8. 17. mensen die er veel van weten
  9. 19. werd duidelijk
  10. 20. afdeling, groep
  11. 21. wat iemand graag wil
  12. 23. in het geval
  13. 24. iets naars wat je doet omdat iemand je iets heeft aangedaan
Down
  1. 1. plaats
  2. 4. ergens niet meer zonder kunnen
  3. 6. ongeveer geschat
  4. 7. belangrijke gebeurtenis
  5. 8. ziekte
  6. 9. redenen
  7. 11. het grootste deel
  8. 13. daarna
  9. 16. gevonden
  10. 18. goed kunnen denken
  11. 20. klant
  12. 22. ongeveer