woordpakket 21
Across
- 2. Twee ogen, maar één ________ .
- 4. Als ik slaap, dan is het ________.
- 6. Als het donker is, doen wij het ________ aan.
- 8. De streep is niet krom, maar_______.
Down
- 1. Vandaag koop ik een appel, maar gisteren ____ ik een banaan.
- 3. Het kussen is ________.
- 5. mijn fiets is stuk. Ik heb ______
- 6. Als ik blij ben, dan ______ ik.
- 7. Sneeuwwitje en één _________ .